Op 3 januari 2026 vlogen Amerikaanse straaljagers laag over Caracas. Delta Force-operators stormden een zwaar beveiligde compound. Veertig mensen stierven. Nicolás Maduro en zijn vrouw Cilia Flores werden geboeid afgevoerd naar een gevangenis in New York. Het was de meest spectaculaire militaire interventie van de Verenigde Staten in Latijns-Amerika sinds decennia. Donald Trump verklaarde dat Amerika Venezuela zou “runnen” totdat een veilige transitie was voltooid.
Vier weken later zit Maduro achter de tralies, maar zijn regime staat nog overeind. Zijn voormalige vicepresident Delcy Rodríguez voert nu hetzelfde beleid uit, gesteund door dezelfde veiligheidsdiensten, dezelfde paramilitairen, en hetzelfde repressieve apparaat dat Venezuela meer dan een decennium in zijn greep hield. De Venezolaanse oppositieleider María Corina Machado – Nobelprijswinnares, symbool van democratisch verzet, degene die de verkiezingen van 2024 zou hebben gewonnen – staat buitenspel. Trump noemde haar “niet geschikt” om te leiden. Ze heeft het respect niet, zei hij, en ook niet de steun binnen het land.
Dit is geen transitie. Dit is consolidatie. Amerika heeft het hoofd van het regime verwijderd maar het lichaam intact gelaten, en nu spreekt het door die mond.
De paradox van Trumps keuze
De logica achter Trumps beslissing is eenvoudig te begrijpen maar moeilijk te verdedigen. Stabiliteit boven democratie. Transactie boven transformatie. Het Witte Huis kiest voor continuïteit omdat het alternatief – een echte machtswisseling – risico’s met zich meebrengt die Washington niet wil dragen. Een compleet nieuwe regering onder Machado zou het Venezolaanse veiligheidsapparaat kunnen destabiliseren. Generaals zouden kunnen muiten. Paramilitaire groepen zouden de controle kunnen verliezen. Het land zou kunnen imploderen. Amerika zou verantwoordelijk worden gehouden.
Dus kiest Trump voor wat Ryan Berg en Alexander Gray “managed authoritarianism” noemen: een beheersbaar autoritair systeem waarbij Amerika de richting bepaalt zonder de dagelijkse verantwoordelijkheid voor het land te dragen. Het is een logica die bekend is uit decennia van Amerikaans buitenlands beleid in het Midden-Oosten, Centraal-Azië, en Centraal-Amerika. Zet een leider aan de macht die jouw belangen dient, ongeacht of die leider democratisch gelegitimeerd is.
Het probleem is dat deze aanpak in Venezuela dezelfde structuren in stand houdt die het land naar de afgrond hebben gedreven. Delcy Rodríguez was niet zomaar Maduro’s vicepresident. Ze was architect van zijn repressieve systeem. Ze steunde verkiezingsfraude, gewelddadige onderdrukking van protesten, en systematische mensenrechtenschendingen. Een VN-rapport uit 2025 documenteert hoe intimidatie, willekeurige detentie, marteling en verdwijningen onder haar toezicht als staatsbeleid werden uitgevoerd. Dit is het apparaat waarop Trump nu vertrouwt om orde te handhaven.
De VS gebruiken drie drukknoppen om Venezuela te controleren: toegang tot olie, opheffing van sancties, en juridische vervolging van individuele leiders. Marco Rubio – die wél sympathie toont voor Machado – benadrukt dat Amerika wil zien dat de drugstrafiek stopt, dat Iraniërs, Cubanen en Hezbollah worden verwijderd, en dat het land terugkeert naar “normaliteit”. Maar wat is normaliteit in een land waar het rechtsysteem niet functioneert, waar verkiezingen niet vrij zijn, en waar de economie volledig afhankelijk is van een schaduwnetwerk van sanctie-ontduikende olieschepen?
Machado: verraden maar niet verslagen
María Corina Machado is een politieke anomalie. Ze won in 2025 de Nobelprijs voor de Vrede voor haar strijd voor democratie. Ze overhandigde de medaille aan Trump als dank voor zijn druk op het Maduro-regime. Ze noemde hem een “visionair”. Ze zei dat zijn militaire interventie voor de Amerika’s zou betekenen wat de val van de Berlijnse Muur voor Europa betekende.
Dagen later zette Trump haar opzij.
Haar positie illustreert de tragische ironie van Venezuela’s situatie. Machado is de meest populaire politicus van het land. Haar kandidaat, Edmundo González Urrutia, won naar alle waarschijnlijkheid de verkiezingen van 2024 met een aardverschuiving, maar het regime weigerde de stemmentelling te publiceren en verklaarde Maduro tot winnaar. De oppositie verzamelde systematisch bewijs van verkiezingsfraude. De internationale gemeenschap erkende González als legitieme winnaar. Maduro bleef aan de macht.
Nu Maduro weg is, zou je verwachten dat de democratisch gekozen leiders aan de macht komen. In plaats daarvan regeert Delcy Rodríguez met Amerikaanse goedkeuring. Machado zit in Washington, voert gesprekken met Trump, geeft interviews aan Fox News, en zegt dat ze zo snel mogelijk terug wil naar Venezuela. Maar terugkeren betekent mogelijk arrestatie. Het veiligheidsapparaat dat Maduro diende, dient nu Rodríguez, en heeft geen enkele reden om Machado te vertrouwen. Ze heeft twintig jaar lang regimefunctionarissen beschuldigd van mensenrechtenschendingen. Waarom zouden zij haar nu de macht geven?
Trump zei onlangs dat hij haar “misschien op een of andere manier kan betrekken”. Dat is geen toezegging. Dat is een vage belofte aan iemand die hij als potentiële bondgenoot ziet, maar niet als leidster. Machado’s eigen reactie is veelzeggend: “Ik zal president zijn wanneer de tijd daar is. Maar het maakt niet uit. Dat moet worden beslist in verkiezingen door het Venezolaanse volk.” Ze weet dat haar moment misschien nooit komt.
Wat Venezuela echt nodig heeft
Als je serieus bent over het oplossen van Venezuela’s crisis, moet je beginnen met erkenning van wat er mis is gegaan. Venezuela is niet arm omdat het geen middelen heeft. Het land beschikt over ’s werelds grootste bewezen oliereserves – 300 miljard vaten, zo’n 17% van het mondiale totaal. In 2008 produceerde Venezuela 2,3 miljoen vaten per dag. In 2025 was dat gezakt naar 700.000 vaten per dag, een daling van 70%. De hyperinflatie, de hongersnood, de exodus van acht miljoen Venezolanen – dit alles is het directe gevolg van systematische diefstal, wanbeheer, en een economisch systeem dat olie-inkomsten niet gebruikte voor de Venezolaanse bevolking, maar voor persoonlijke verrijking en politieke controle.
Amerika’s sancties hebben dit proces verergerd. Tussen 2017 en 2025 zorgden Amerikaanse sancties ervoor dat Venezuela geen toegang had tot internationale financiële markten, geen olie kon verkopen aan westerse afnemers, en geen onderdelen kon importeren om zijn productie op peil te houden. Deze sancties waren bedoeld om Maduro onder druk te zetten, maar ze troffen vooral gewone Venezolanen. De economische ineenstorting dreef miljoenen het land uit, waardoor de migrantencrisis ontstond waar Trump nu zo bang voor is.
Wat Venezuela nu nodig heeft is geen nieuw regime dat dezelfde fouten maakt. Het land heeft behoefte aan:
Ten eerste, echte democratische verkiezingen onder internationaal toezicht. Niet over twee jaar, niet na een “transitieperiode”, maar zo snel als verantwoord is. Machado en González hebben een mandaat van de bevolking. Dat mandaat moet worden gerespecteerd of opnieuw worden bevestigd in vrije verkiezingen.
Ten tweede, demontage van het repressieve staatsapparaat. De paramilitaire colectivos, de politieke politie SEBIN, en de corrupte militaire top moeten worden ontmanteld. Dit kan niet door diezelfde structuren in stand te laten en te hopen dat ze zich anders gedragen onder een nieuwe leider.
Ten derde, herstel van de rechtsstaat. Venezuela’s rechtssysteem is volledig gepolitiseerd. Rechters die onafhankelijk oordeelden werden ontslagen. Het Hooggerechtshof functioneert als instrument van de executieve macht. Zonder onafhankelijke rechtspraak is er geen garantie voor mensenrechten, eigendomsrechten, of eerlijke processen.
Ten vierde, economische reconstructie die niet uitsluitend draait om olie-extractie voor Amerikaanse bedrijven. Trump heeft al gezegd dat Amerikaanse oliemaatschappijen Venezuela’s “kapotte infrastructuur” zullen repareren en “geld zullen verdienen voor het land”. Maar als die olie-inkomsten niet transparant worden beheerd en niet ten goede komen aan de bevolking, herhaalt Venezuela zijn geschiedenis. China heeft al contracten voor velden. Amerikaanse bedrijven zoals ConocoPhillips hebben claims op geëxproprieërd bezit. Als Washington die olie-inkomsten direct controleert, blijft er weinig fiscale ruimte over voor binnenlandse wederopbouw.
Ten vijfde, regionale samenwerking zonder hegemoniale controle. Venezuela’s buurlanden – Colombia, Brazilië, Guyana – hebben allemaal belang bij stabiliteit. Maar die stabiliteit kan niet worden afgedwongen door militaire dreiging of economische dwang. Een regionale aanpak die rekening houdt met Latijns-Amerikaanse verhoudingen is essentieel.
De oplossingen die er liggen
De realiteit is dat er geen snelle oplossingen zijn. Venezuela’s problemen zijn opgebouwd over twee decennia. De ineenstorting van het land is het gevolg van structureel wanbeheer, systematische corruptie, en een politiek systeem dat dissidentie criminaliseerde. Je lost dat niet op door het hoofd van het regime te verwijderen en de rest intact te laten.
Er zijn echter wel scenario’s denkbaar waarin vooruitgang mogelijk is:
Een geleidelijke transitie waarbij Delcy Rodríguez erkent dat haar positie onhoudbaar is en binnen zes maanden verkiezingen worden gehouden. Dit vereist druk van zowel Amerika als regionale actoren zoals Colombia en Brazilië. Het vereist ook garanties voor regime-functionarissen dat ze niet massaal vervolgd zullen worden – een moeilijke pil voor slachtoffers van repressie, maar mogelijk noodzakelijk voor vreedzame machtswisseling.
Een waarheidscommissie naar Zuid-Afrikaans model, waarbij mensenrechtenschendingen worden gedocumenteerd zonder automatische vervolging. Dit creëert ruimte voor verzoening zonder straffeloosheid te garanderen. Het Internationaal Strafhof blijft als achtervang voor de zwaarste misdaden.
Economische steun die niet uitsluitend uit Washington komt. Europa, Canada, en Latijns-Amerikaanse landen kunnen bijdragen aan wederopbouw zonder de politieke voorwaarden die Amerikaanse steun vaak vergezellen. Dit verkleint ook China’s invloed zonder Venezuela volledig afhankelijk te maken van de VS.
Een nieuwe grondwet die checks and balances introduceert. Venezuela’s huidige grondwet – opgesteld onder Chávez in 1999 – concentreert macht bij de president. Een nieuw constitutioneel raamwerk met onafhankelijke instituties, termlimits, en federale structuren kan herhaling voorkomen.
De waarschijnlijke realiteit
Maar laten we realistisch zijn. Niets van dit alles staat op Trumps agenda. Zijn focus ligt op drie dingen: olie, drugs, en het buitensluiten van Chinese invloed. Democratie is een bijproduct, geen doel. Marco Rubio spreekt mooie woorden over vrijheid en mensenrechten, maar de praktijk is dat Washington werkt met Delcy Rodríguez omdat zij de militaire en paramilitaire structuren controleert die stabiliteit kunnen garanderen.
Het gevaar van deze aanpak is dat ze Venezuela in een permanente staat van “managed authoritarianism” houdt – genoeg stabiliteit om migratie te beperken en olie te laten stromen, maar niet genoeg vrijheid om echte democratie te ontwikkelen. Het is een evenwicht dat op korte termijn werkt maar op lange termijn onhoudbaar is. De onderliggende spanningen – economische ongelijkheid, politieke uitsluiting, sociale fragmentatie – blijven bestaan. En wanneer Amerika zijn aandacht verliest, wat gebeurt er dan?
We hebben dit verhaal al gezien. In Irak verklaarde George W. Bush “Mission Accomplished” in mei 2003. Wat volgde waren jaren van opstand, burgeroorlog, en instabiliteit. In Afghanistan trokken de Verenigde Staten zich terug en lieten een regering achter die binnen maanden instortte. In Libië leidde regime change tot een gefragmenteerde gescheurde staat zonder functionerende centrale autoriteit. Venezuela riskeert hetzelfde traject: een tactisch succesvolle operatie die strategisch faalt omdat de fundamentele kwesties niet worden aangepakt.
María Corina Machado blijft spreken over terugkeer. Ze zegt dat ze nodig is in Venezuela. Ze heeft waarschijnlijk gelijk. Maar Trump heeft duidelijk gemaakt dat hij haar niet als leider ziet. Hij kiest voor wat hij kent: deals met sterke mannen, transactionele verhoudingen, en economische extractie. Het is een patroon dat zich herhaalt doorheen de geschiedenis van Amerikaanse interventies in Latijns-Amerika.
De vraag is niet of Venezuela kan veranderen. Die kan het. De vraag is of Amerika Venezuela laat veranderen. Op dit moment lijkt het antwoord nee. En dat is tragisch, omdat het Venezolaanse volk al genoeg heeft geleden onder leiders die hun belangen ondergeschikt maken aan externe macht. Of die macht nu uit Havana komt, uit Moskou, uit Peking, of uit Washington – voor gewone Venezolanen maakt het weinig verschil als ze geen stem hebben in hun eigen toekomst.



